Het nieuwe circulatieplan: belangrijke stap voorwaarts om Leuven leefbaar en bereikbaar te maken

Tellingen tonen meer fietsers en minder auto’s in de binnenstad

Dinsdag 20 juni 2017 — De binnenstad leefbaar houden en tegelijk de bereikbaarheid niet in het gedrang brengen: dat was de dubbele ambitie van het Leuvense stadsbestuur bij de gefaseerde invoering van het circulatieplan vanaf eind augustus 2016. Verschillende tellingen en metingen wijzen er nu op dat het de juiste weg opgaat om beide ambities waar te maken.

Het principe van het circulatieplan, met het lussensysteem en de stadsdelen, wilde doorgaand verkeer uit de woonwijken houden en meer ruimte creëren voor voetgangers en fietsers. “Het circulatieplan was nodig om onze groeiende stad leefbaar en bereikbaar te houden”, vertellen schepenen Dirk Robbeets en Carl Devlies. “Een verschuiving van autogebruik naar de fiets, wat we met het circulatieplan willen stimuleren, is nodig om Leuven leefbaar en gezond te houden.”

Verschillende tellingen en metingen, die afgelopen maanden zijn uitgevoerd, wijzen alvast op een positief resultaat op vlak van leefbaarheid en bereikbaarheid.

Leefbaar Leuven
Zowel in mei 2016 als in mei 2017 voerde het mobiliteitsbureau Vectris verkeerstellingen uit op een zeventigtal plaatsen in de binnenstad en op de ring. “Daaruit blijkt dat 32 procent meer mensen de fiets gebruikten in de binnenstad, terwijl het autoverkeer met 8 procent daalde”, zegt schepen van openbare werken Dirk Robbeets. “Ook op de ring zien we het fietsverkeer toenemen, met 26 procent. Het autoverkeer steeg daar met 9 procent.”

Met andere woorden: het circulatieplan haalt het autoverkeer uit de binnenstad en leidt het naar de ring, net zoals het plan voor ogen had. “De vrijgekomen ruimte valt in goede aarde bij de voetgangers en fietsers. Bovendien kunnen we daardoor straten en pleinen inrichten met meer groen, zitgelegenheid en fietsstallingen”, zegt schepen van ruimtelijke ordening Carl Devlies.

De stijging van het fietsverkeer valt vooral op in de straten waar het circulatieplan de verkeerssituatie gewijzigd heeft. “Kijk maar naar de as Vesaliusstraat- Maria Theresiastraat”, zegt Robbeets. “Daar zien we waar de busbaan is aangebracht, ongeveer dertig procent meer fietsverkeer in de richting van Heverlee. En in de Brusselsestraat, waar nu minder auto’s rijden, zien we staduitwaarts ook meer fietsers. Maar ook in het voetgangersgebied en het autoluwe gebied stijgt het fietsverkeer. Bijvoorbeeld in de Rijschoolstraat; daar is staduitwaarts een stijging van 78 procent.”

Op de ring zijn het vooral de Singels waar meer autoverkeer komt, en niet op de Vesten “Dat is volledig conform het structuurplan, dat autoverkeer naar de Singels leidt”, zegt Devlies. “De uitzondering daarop is het stuk tussen de Parkpoort en het Artoisplein, met als uitschieter de Tiensepoort, waar we meer autoverkeer geteld hebben. Die telling gebeurde wel tijdens de werken aan de Martelarenlaan, waarbij de omleiding langs de Tiensepoort en de ring liep. Dat is toch wel een belangrijke kanttekening. En nergens werd de capaciteit van de ring overschreden.”

Naast de verkeerstellingen werd door Straten vol Leuven ook een tweede black carbon-meting uitgevoerd. Vorig jaar gebeurde een nulmeting. De resultaten worden momenteel nog geanalyseerd en vergeleken met de meting van 2016. De eerste info hierover is alvast positief.

Bereikbaar Leuven
Veel mensen waren voor de invoering van het circulatieplan bezorgd over de bereikbaarheid van de stad. Uit de passantentellingen, die unieke bezoekers tellen, blijkt echter dat het aantal voetgangers in Leuven stabiel blijft. “In het kernwinkelgebied zijn er bovendien ook een aantal nieuwe handelszaken bijgekomen of nog op komst”, zegt Devlies.

Ook op het vlak van parkeren heerste enige bezorgdheid. Het aanbod van straatparkeren is voor bezoekers, met de invoering van de autoluwe zone en het afschaffen van een aantal parkeerplaatsen voor de herinrichting van de publieke ruimte, namelijk met 5 procent afgenomen.

Er kwamen wel 108 Shop&Go-plaatsen aan de rand van de autoluwe zone bij, waar een wagen een half uur lang gratis kan staan. Door de kortere parkeertijd kunnen meer wagens er gebruik van maken en dienen ze dus een groter publiek.

De publieke parkings zijn sinds het circulatieplan ontsloten via de verkeerslussen. “Daar zien we op basis van het aantal in- en uitrijbewegingen een stijging van 8 procent. De uitbaters van de centrumparkings geven ook aan dat zij meer klanten zien”, zegt Devlies. “Door bezoekers naar die publieke parking te leiden, kunnen de straatparkeerplaatsen door inwoners gebruikt worden en is er veel minder zoekverkeer in de straten.”

Modal shift
Een belangrijke ambitie van het circulatieplan was het stimuleren van de zogenaamde modal shift: een verschuiving in het autogebruik naar meer duurzame transportmodi zoals de fiets of het openbaar vervoer. “En die modal shift is in gang gezet, zowel in de woonstraten als op de verkeerslussen en de ring”, zegt Robbeets. “Op een jaar tijd is het aandeel fietsers van 33 procent naar 41 procent gestegen en is het aandeel auto’s van 63 naar 54 procent gedaald.”

Ook het openbaar vervoer ziet meer reizigers. “Het busgebruik is toegenomen met bijna 12 procent, in tegenstelling tot de algemene trend in Vlaanderen”, zegt Devlies. “Het gebruik van het winkelticket op zaterdag en de P+bus-formule (waarmee al de inzittenden van je wagen gratis een bus kunnen nemen naar het centrum en terug, wanneer je op een randparking parkeert) neemt toe, al zien we daar zeker nog een grote groeimarge in. We willen die formules daarom ook veel bekender maken.”

Evaluatie is een continu proces
De tellingen en cijfers ondersteunen de doelstellingen van het circulatieplan. “Het principe met lussen en stadsdelen blijven we dus behouden”, besluiten schepenen Robbeets en Devlies. “Deze positieve evaluatie betekent natuurlijk niet dat er geen verbeterpunten meer zijn. We zijn het afgelopen jaar continu in overleg geweest met buurtbewoners en belanghebbenden zoals de handelaars of de universiteit, en ook in de toekomst blijft dat zo. Verschillende aanpassingen zijn al uitgevoerd, zowel in het plan als in de flankerende maatregelen.”

Maar ook nu op de gemeenteraad van 26 juni liggen een aantal aanpassingen op tafel die de leefbaarheid en bereikbaarheid van de stad nog zullen verbeteren.

“We veranderen de verkeersafwikkeling in de Heilige Geeststraat en omgeving, we laten de knip aan het Justus Lipsiusstandbeeld overdag op weekdagen open en enkele straten veranderen van richting. Ook plannen we een aantal ‘laad- en loszones voor lichte vracht’ in het autoluwe gebied, waar ondernemers zoals onderhoudsbedrijven of glazenwassers even kunnen parkeren om kleine klussen uit te voeren. We  zullen ook de kruispunten van de Maria Theresiastraat met de Tiensestraat en de Blijde Inkomststraat heraanleggen en de verkeerslichten wegnemen. Bovendien bekijken we ook, samen met het Agentschap Wegen & Verkeer, hoe we onder meer de Tiensepoort kunnen verbeteren.”